
Overgewicht en obesitas behoren in onze westerse maatschappij tot een van de belangrijkste gezondheidsproblemen. Zelfs in die mate dat het epidemische vormen aanneemt. We moeten maximaal inzetten op de preventie en een efficiënte behandeling om de epidemie te stoppen. Een gezonde voeding speelt een belangrijke preventieve rol en staat centraal in de behandeling.
Overgewicht en obesitas: een korte situatieschets
Bij kinderen
De prevalentiecijfers van overgewicht en obesitas bij kinderen zijn de laatste 20 jaar sterk gestegen. In Nederland en België komt zwaarlijvigheid voor bij 10 tot 15 % van de kinderen. Opvallend is dat de meeste obese kinderen nu relatief zwaarder zijn dan hun leeftijdgenootjes van 20 jaar geleden1. Er is duidelijk nog heel wat werk voor de boeg. Slechte voedingsgewoonten en te weinig lichaamsbeweging zijn de grootste boosdoeners. Zo moeten kleuters (3 tot 6 jaar) dagelijks 100 tot 150 g groenten eten. Spijtig genoeg eten kleuters steeds minder groenten. Kleuters eten gemiddeld slechts 80 g groenten per dag en 72 % van de kleuters eet niet dagelijks groenten2. De groenteconsumptie bij adolescenten is ook weinig hoopgevend. Bijna 30 % van de jongens en 18 % van de meisjes van 11 tot 18 jaar eten op geen van de vijf dagen van de week groenten3. Het toenemende probleem van overgewicht en obesitas bij kinderen vormt niet alleen een bedreiging voor de gezondheid op latere leeftijd. Het zorgt ook voor meer psychosociale problemen als gevolg van bijvoorbeeld pesterijen en jaagt de kosten van de gezondheidszorg de hoogte in.
De mate van overgewicht of obesitas bij kinderen kan worden bepaald aan de hand van de procentuele BMI. Hierbij wordt berekend hoeveel procent de BMI van het kind boven de gemiddelde BMI voor zijn leeftijd ligt.

De Vlaamse groeicurven kunt u hier downloaden
Bron: Nutrition Information Center (NICE). Toenemend overgewicht bij kinderen (Nutrinews juni 2004)
1 Braet, C.en Van Winckel, A.J.M. Behandelstrategieën bij kinderen met overgewicht. Bohn Stafleu Van Loghum (2001)
2 Nutrition Information Center (NICE). Voedingsprofiel van de Vlaamse kleuters. Nutrinews december (2008)
3 Gezondheidsenquête, België 2004. Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid
Bij volwassenen
In Vlaanderen kampt ongeveer een op twee volwassen mannen en een op drie volwassen vrouwen met overgewicht. De prevalentie van obesitas varieert tussen de 12 en 15 %. De hoogste incidentie ligt in de leeftijdsgroep 45 tot 64 jaar en in de lage sociale klasse. De prevalentiecijfers bij volwassenen lijken zich te stabiliseren. Dit is een stap in de goede richting maar verdere inspanningen blijven nodig. Volgens de aanbevelingen moeten we minstens 300 g groenten per dag eten. Quasi niemand haalt deze aanbeveling. Gemiddeld eet de Belg slechts 138 g groenten per dag4. Overgewicht en obesitas worden geassocieerd met een belangrijk aantal complicaties zoals kortademigheid, slaapapneu, jicht, artrose en galstenen. Daarnaast verhoogt obesitas en in het bijzonder abdominale obesitas het risico op chronische aandoeningen zoals diabetes type 2, hypertensie, het metabool syndroom, hart- en vaatziekten en sommige vormen van kanker. De sociale en psychologische problemen als gevolg van overgewicht en obesitas zijn evenmin te onderschatten.
De mate van overgewicht of obesitas bij volwassenen wordt bepaald aan de hand van de BMI. Daarnaast is ook de vetverdeling in het lichaam een belangrijk aandachtspunt. Intra-abdominaal vet is meer geassocieerd met obesitasverwikkelingen zoals glucose-intolerantie, insulineresistentie, diabetes type 2, dyslipidemie, slaapapneusyndroom, hypertensie en een aantal hormonaal gemedieerde kankers.

Bron: De consensus van de BASO - Obesity (Belgian Association for the Study of obesity)
4Gezondheidsenquête, België 2004. Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid
De oorzaken
Overgewicht en obesitas zijn het gevolg van een langdurige onevenwichtige energiebalans: de dagelijkse energie-inname overtreft het energieverbruik. Er wordt meer en anders dan vroeger gegeten, we houden ons minder aan vaste maaltijden, nemen meer energierijke tussendoortjes en gaan steeds meer een zittend leven leiden. Een te hoge energie-inname is vaak het gevolg van een overdreven consumptie van gesuikerde frisdranken, vet- en suikerrijke snacks en fastfood, producten die doorgaans gemakkelijk te verkrijgen zijn en bovendien relatief goedkoop, aantrekkelijk en smakelijk zijn. Ongezonde leefgewoonten zijn dus de grootste boosdoeners. Slechts in een beperkt aantal gevallen is een aandoening of een gendefect de onderliggende oorzaak. Bij kinderen is ook de invloed van de eet- en leefgewoonten van het gezin niet te onderschatten.
Wenst u meer informatie over overgewicht en obesitas? Klik hier
Kernboodschappen preventie
De richtlijnen voor een lijnvriendelijke, energiebeperkte voeding liggen in de lijn van de aanbevelingen voor een gezonde en evenwichtig samengestelde voeding. De actieve voedingsdriehoek vormt de basis, met speciale aandacht voor regelmaat, de energie- en voedingsstoffenbehoefte, de belangrijkste energieleveranciers en het verzadingsgevoel.
Tot slot is voldoende lichaamsbeweging essentieel om het energieverberuik te verhogen.
Meer informatie over de aanbevelingen van een gezonde voeding? Klik hier
Tips om meer groenten te eten
• Groenten eten kan de hele dag door. Neem een ruime portie bij de warme maaltijd (200 g of 4 groentelepels; dit komt overeen met een bord voor de helft gevuld) en neem zo’n 100 g bij de broodmaaltijd, bijvoorbeeld in de vorm van rauwkost. Groenten kunnen ook als tussendoortje, bv. een tas soep, een kommetje kerstomaatjes, reepjes wortel of komkommer en radijsjes.
• Kiezen voor seizoensgroenten is niet alleen voordelig voor de portemonnee, het zorgt ook voor een gezonde variatie op het bord.
• In het algemeen bevatten groenten weinig calorieën. Wie de honger stilt met een stuk groente in de plaats van een vette en/of zoete snack krijgt voor hetzelfde volume minder calorieën maar beduidend meer voedingsstoffen binnen.
• Diepvriesgroenten, groenten in blik of glas en voorgesneden groenten zijn gebruiksvriendelijk, snel klaar en altijd beschikbaar. Zolang de bewaar- en bereidingsvoorschriften op de verpakking worden gevolgd, kunnen ze verse groenten perfect vervangen. Bovendien zijn verwerkte groenten gemakkelijk te doseren. 300 g verwerkte groenten = 300 g geconsumeerde groenten
Op zoek naar meer groentetips? Klik hier
Op zoek naar lekkere groenterecepten? Klik hier
Kernboodschappen behandeling
Bij kinderen
Omdat zeer verschillende aspecten kunnen bijdragen tot het ontstaan en de instandhouding van overgewicht en obesitas bij kinderen is een multidisciplinaire aanpak vaak noodzakelijk. De behandeling bestaat uit gewichtscontrole of gewichtsverlies. Bij kinderen die volop groeien, wordt altijd gestreefd naar gewichtscontrole. Eens de puberteit en ook de groeiperiode voorbij of wanneer obesitas erg uitgesproken wordt, is gewichtscontrole als behandelingsdoel onvoldoende. Gewichtsverlies is dan wenselijk en in sommige gevallen zelf noodzakelijk. In beidde gevallen wordt er gestreefd naar het aanleren van gezonde eet- en leefgewoonten. Het kind wordt met behulp van motivatietechnieken gestimuleerd om gezonde, weinig caloriedense voedingsmiddelen te kiezen en zich aan gestructureerde en vaste maaltijdmomenten en –plaatsen te houden. Daarnaast wordt lichaamsbeweging aangemoedigd. De sleutelfiguren in de behandeling zijn de ouders. Zij bepalen welke voedingsmiddelen in huis worden gehaald en kunnen de mate van fysieke activiteit van hun kinderen in grote mate nog bijsturen. Om een goede implementatie van het voedings- en bewegingsadvies te garanderen, is het essentieel de ouders voldoende te betrekken bij de begeleiding.
Meer informatie over de behandeling van overgewicht bij kinderen? Klik hier
Bij volwassenen
Het doel van de behandeling is tweeledig. Ten eerste is er het beoogde gewichtsverlies. Ten tweede moet de behandeling leiden tot een blijvende verbetering van de eet- en leefgewoonten waardoor terugval wordt voorkomen. Vanuit epidemiologisch standpunt kan een gewichtsverlies van 5 tot 10 % al een belangrijke gezondheidswinst opleveren. Dergelijke streefdoelen zijn bovendien haalbaar. Te snel en te drastisch willen vermageren leidt vaak tot grote teleurstellingen en kan de gezondheid schaden. Overgewicht en obesitas behandelen met een klassiek, energiebeperkt dieet in combinatie met andere leefstijlinterventies, zoals meer fysieke activiteit en gedragsondersteuning door middel van goede coaching, is succesvol bewezen.
Meer informatie over het voedingsadvies bij overgewicht en obesitas bij volwassenen? Klik hier
Kinderen aanmoedigen om meer groenten te eten
Als het aan de kinderen zelf ligt, kiezen zij altijd en alleen maar voor suikerrijke producten. Het lijkt een aangeboren voorkeur.
• Ouders hebben de belangrijke taak om het voedingspatroon van hun kinderen van jongs of aan in goede banen te leiden. Zelf het goede voorbeeld geven, werkt nog altijd het beste.
• Kinderen moeten bepaalde groenten zoals spruitjes en champignons leren eten. Dring ze niet op maar schrap ze ook niet voorgoed van het menu. Schenk er niet te veel aandacht aan en probeer ze geleidelijk aan weer te introduceren. Er is veel kans dat het na een paar keer proeven wel wordt gegeten.
• Laat kinderen aan nieuwe smaken wennen door ze af en toe een klein schepje te laten proeven. Dit helpt het kind ook zijn of haar smaken uit te breiden. Variatie is belangrijk.
• Variatie in de bereiding kan ook helpen: bijvoorbeeld groenten door aardappelpuree gestampt, extra groenten in de spaghettisaus of op een pizza, rauw witlof in een salade in plaats van gekookt.
• Grote porties schrikken af. Geef kleine porties (bijscheppen kan nog altijd) en gebruik je fantasie: versier het bord of vertel er een leuk verhaal bij.
• Geef reepjes of schijfjes rauwe groenten mee in de brooddoos als beleg.
• Betrek de kinderen bij de voorbereiding van de maaltijd. Dit kan stimulerend werken om toch bepaalde groentesoorten te proeven.
• Dwing kinderen nooit te eten. Misschien heeft dwang één keer resultaat, maar op de lange duur heeft het geen zin.
• Appelmoes lusten ze vaak wel, maar appelmoes behoort tot de groep van het fruit en is dus geen goede vervanger van groenten .